bees
Uiterlijk
- bees
- [A] (Belgisch-Nederlands) nevenvorm van bes zn [1] [2]
- [B] (Belgisch-Nederlands) van Frans baiser zn [2]
- [C] van bijs ww met klankverandering /ɛi/ in /e/
| [A]+[B] | enkelvoud | meervoud |
|---|---|---|
| naamwoord | bees | bezen |
| verkleinwoord |
[A] de bees v
[B] de bees m
| vervoeging van |
|---|
| bijzen |
[C] bees
- enkelvoud verleden tijd van bijzen
- Ik bees.
- Jij bees.
- Hij, zij, het bees.
- Ik bees.
- Het woord 'bees' staat niet in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Taalunie.
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- 1 2 Walter de Clerck“Nijhoffs Zuidnederlands Woordenboek” (1981), Martinus Nijhoff, 's-Gravenhage / Antwerpen, ISBN 9024790964, p. 42 kol. 1
- bees
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | bees | beeste |
bees
- (evenhoevigen), (veeteelt) rund
- (persoon), (dysfemisme) onbeschoft mens
- bees
bees mv
- meervoud van het zelfstandig naamwoord bee
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 4
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 1 lettergreep in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- WikiWoordenboek:Pagina's die ISBN magische koppelingen gebruiken
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Fruit in het Nederlands
- Werkwoordsvorm in het Nederlands
- Niet in Woordenlijst Nederlandse Taal
- Woorden in het Afrikaans
- Woorden in het Afrikaans met audioweergave
- Zelfstandig naamwoord in het Afrikaans
- Evenhoevigen in het Afrikaans
- Zoogdieren in het Afrikaans
- Veeteelt in het Afrikaans
- Persoon in het Afrikaans
- Dysfemisme in het Afrikaans
- Woorden in het Engels
- Woorden in het Engels van lengte 4
- Woorden in het Engels met audioweergave
- Zelfstandignaamwoordsvorm in het Engels